Verbod op vuurwerk

Vanaf 20 november 2020 tot en met 17 januari 2021 geldt er een algemeen verbod op het afsteken van vuurwerk, verbrandingen in open lucht, het oplaten van wens- en feestballonnen, kerstboomverbrandingen en het gebruik van pyrotechnische artikelen zowel op publiek als privaat terrein.

In het kader van de bestrijding van deze pandemie is algemene preventie van basisbelang. Het risico op verspreiding door een ongecontroleerde of oncontroleerbare samenscholing naar aanleiding van bijvoorbeeld het afsteken van vuurwerk moet worden voorkomen. Daarom dat we dit jaar en op dit ogenblik iedere factor moeten counteren die aan de basis kan liggen van een verhoogde of versnelde verspreiding van het virus.

Er moet ook ieder jaar worden vastgesteld dat hierbij personen verwond geraken wat meteen ook druk zet op diensten als politie, brandweer, ziekenvervoer en ziekenhuisopnames, die nu in deze fase absoluut prioritair ter beschikking moeten blijven voor de ondersteuning van de pandemie.

De invoering van deze nieuwe verbodsregel werd in essentie opgezet als maatregel ter bescherming van de openbare veiligheid en gezondheid, maar tegelijk ook ter bescherming van dieren, die door de luide, onverwachte knallen kampen met angst en stress.

De inbreuken op dit besluit kunnen wordt bestraft met een gevangenisstraf van 8 tot 14 dagen en een geldboete van 26 tot 200 of één van deze straffen afzonderlijk.